Bedrijven R'damse haven tekenen voor CO2-opslag
Centrale pijpleiding transporteert broeikasgas naar leeg gasveld onder Noordzee

Vier bedrijven in de haven van Rotterdam doen mee met de plannen om bij hun processen de CO2 die normaal gesproken de lucht in gaat, af te vangen en op te slaan. Shell, ExxonMobil, Air Liquide en Air Products committeren zich aan de plannen. Een centrale pijpleiding transporteert het broeikasgas naar een leeg gasveld onder de Noordzee. De opslag van CO2 is het belangrijkste plan van de industrie om de uitstoot op korte termijn fors terug te dringen.
Twee megaton per jaar
"We starten met ongeveer twee megaton per jaar", zegt projectleider Wim van Lieshout van Porthos, zoals het project heet. "Dat staat gelijk aan de uitstoot van een flinke kolencentrale."Directeur Erik van Beek van ExxonMobil legt uit dat het in eerste instantie gaat om de CO2 die vrijkomt bij de productie van waterstof. Waterstof is een grondstof op de raffinaderij. "We zijn natuurlijk ook bezig met innovatie, maar CO2-afvang en -opslag is iets wat je relatief snel kan doen."
Noodzakelijke maatregel voor terugdringen uitstoot
In veel internationale klimaatrapporten wordt het afvangen en opslaan van CO2 genoemd als noodzakelijk om de uitstoot terug te dringen. En ook in het Nederlandse Klimaatakkoord is is het een maatregel die de industrie wil nemen om uiteindelijk zeven van de beoogde veertien megaton CO2-reductie te realiseren.
'Geen geld voor echte verduurzaming'
Het hele project kost zo'n 400 tot 500 miljoen euro. Europese en duurzaamheidssubsidies zijn nodig om Porthos financieel haalbaar te maken. Daarom zijn milieu-organisaties niet enthousiast over deze methode. "We zijn bezorgd dat er straks veel geld naar die opslag gaat en er dan geen geld meer over is voor de echte verduurzaming van de industrie", zegt Marjolein Demmers van Natuur en Milieu. Deze week maakte de Jonge Klimaatbeweging bekend dat dit een van de redenen is waarom het samenwerkingsverband van 72 jongerenorganisaties het Klimaatakkoord niet wil tekenen.
Lees hier het oorspronkelijke bericht.