Doorbraak ontwikkeling elektrolysers
200 keer minder iridium gebruikt

Groene waterstof, geproduceerd via elektrolyse met elektriciteit uit zon en wind, speelt een cruciale rol in de transitie van fossiele naar hernieuwbare energie. Iridium is een schaars materiaal dat op dit moment nog onmisbaar is in elektrolysers die werken met de veel gebruikte PEM (Proton Exchange Membrane)-technologie.
Patent aangevraagd
Onderzoekers van TNO zijn er als eerste in geslaagd een methode te ontwikkelen waarmee tweehonderd keer minder iridium nodig is in elektrolysers. Met de methode kan nu een performance van 25 tot 46 procent van de huidige generatie elektrolysers behaald worden. Op dit procedé is patent aangevraagd, schreef TNO in een persbericht.
Groeiende behoefte aan schaars iridium
De voorziene groei van groene waterstof van 300 MW in 2020 naar tientallen GW in 2030 betekent een groeiende nood aan schaars iridium. Over tien jaar zou de vraag de beschikbare hoeveelheid ver overtreffen. Ook levert slechts een handjevol landen irridium, met alle risico’s van dien.
Lees ook: Industriële nanoprinter moet opschalen van waterstofproductie versnellen
Technologische doorbraak
“Het feit dat we het benodigde iridium met een factor tweehonderd reduceren en daarbij nu al op gemiddeld een derde van de performance van de huidige elektrolysers zitten, is een technologische doorbraak”, zegt TNO-expert Van der Burg. Onderzoekers van TNO gespecialiseerd in elektrolyse, werkten in het Faraday Lab in Petten, samen met collega’s van Holst Centre in Eindhoven.
TNO ontwikkelde hier eerder de technologie spatial Atomic Layer Deposition (sALD), een methode om extreem dunne lagen functionele materialen op grote oppervlakken aan te brengen. Die was bedoeld om een nieuwe generatie displays voor tv’s, tablets en smartphones te ontwikkelen. Het onderzoeksteam heeft de technologie nu ook toepasbaar gemaakt voor elektrolysers.